14 jan, 2015

Author:

no comments

Het verbouwen van thee

Een tropisch of subtropisch klimaat (temperaturen tussen de 10 en 30C) en een vruchtbare/humusrijke bodem, zijn de voorwaarden om een theeplant goed te laten gedijen. Thee wordt verbouwd op plantages, veelal aangelegd op een berghelling. De hoogteligging van de plantage is mede bepalend voor de kwaliteit van de thee; hoe hoger de plantage is gelegen, des te beter de kwaliteit van de thee. Op een hooggelegen plantage valt namelijk minder regen en zijn de nachten koeler. De theeblaadjes groeien er langzamer en dat verbetert de kwaliteit. Zo zal pas na ongeveer vijftien dagen een nieuw blad aan de theestruik zijn gevormd. Deze theesoorten worden ‘high growns’ genoemd. Op de lager gelegen plantages verloopt het groeiproces heel wat sneller. Daar hebben de struiken na ongeveer zeven dagen weer voldoende blad voor de pluk. Deze theesoorten worden ‘low-growns’ genoemd. De hoogteligging van de theeplantage bepaalt voor een deel de kwaliteit van de thee. Om die reden is een kwaliteitsindeling naar hoogte gemaakt. Thee geplukt tussen 300 en 1000 meter hoogte wordt onderscheiden van thee die tussen 1000 en 1500 meter en tussen 1500 en 2000 meter is geplukt.

Tea NurseryHet kweken van nieuwe theeplanten gebeurde vroeger voornamelijk door middel van zaadwinning van de moederplant. Men zette de gewonnen zaadjes uit in kweekbedden en verplantte deze na een jaar, als zich kleine plantjes hadden gevormd, naar de zogenaamde ‘nursery’. Daar moesten de plantjes uitgroeien totdat ze sterk genoeg waren om buiten op de plantage te worden geplant. Tegenwoordig worden nieuwe planten voornamelijk gestekt. Door planten te stekken die goed produceren en bestand zijn tegen droogte, ongedierte en ziekten, proberen kwekers de kwaliteit van de oogst op peil te houden. Nieuwe planten worden in een kwekerij gezet en na ongeveer een half jaar op de plantage gezet. Het duurt ongeveer vier jaar (afhankelijk van de hoogteligging en de omstandigheden) voordat een theeplant volwassen ofwel plukrijp is.

De belangrijkste theeproducerende landen zijn China en India, Samen zijn deze landen goed voor ongeveer 50% van de wereldproductie. Overige landen in Azië waar thee wordt geproduceerd zijn: Sri Lanka (Ceylon), Indonesië (vooral Java en Sumatra), Vietnam en Japan. In Afrika is Kenia veruit de grootste theeproducent boven Malawi, Oeganda en Tanzania. Verder is in Europa Turkije de grootste theeproducent en wordt in verschillende landen in Zuid-Amerika ook thee geproduceerd.

Oogst

shutterstock_76443040[3]Als de theeplant ongeveer vier jaar oud is, kan worden begonnen met het oogsten. Het plukken van de bladeren gebeurt met de hand en is uiterst arbeidsintensief. De blaadjes worden met een neerwaartse beweging van de duim losgetrokken en in manden gedaan, die elke plukker bij zich draagt. In sommige gebieden is, vanwege het tekort aan arbeidskrachten en kosten efficiëntie, het traditionele handmatige plukken vervangen door de machinale pluk. Bij het plukken van thee onderscheidt men:

Fijnpluk: een bladknop met twee blaadjes

Mediumpluk: een bladknop met drie blaadjes

Grofpluk: een bladknop met vier blaadjes

Over het algemeen geldt dat een fijnere pluk een hogere kwaliteit thee oplevert. Op hooggelegen plantages, waar de betere kwaliteiten thee worden geteeld, wordt vrijwel altijd ‘fijnpluk’ toegepast. De jonge theeblaadjes hebben vaak een lichtgekleurd uiteinde. Dit wordt de ‘tip’ genoemd.

Een theeplantage is verdeeld in tuinen. In verband met de verschillende groeistadia van het blad wordt er iedere dag in een andere tuin geplukt. Reeds na zeven tot twaalf dagen kan een struik alweer opnieuw worden geplukt en keren de plukkers in dezelfde tuin terug. Elke speling van de natuur heeft invloed op de smaak van de thee. De thee van een en dezelfde plantage kan van dag tot dag variëren in geur en smaak. De economische levensduur van de Camellia Assamica is veertig jaar en van de Camellia Sinensis 100 jaar.